Sunday, May 20, 2012

MTB – keuze maken


MTB – Mountainbikes

Aangepast voor KTT door Wim Rosseau

Als je een mountainbike wil kopen als triatleet en je vraagt raad aan een andere triatleet, krijg je dikwijls een onbeduidend antwoord. Daarom ben ik op zoek gegaan naar informatie en wil deze ook ter beschiukking stellen aan de KTT atleten die eventueel ook interesse hebben om een MTB aan te kopen of er gewoon wat meer van willen weten. Om het nog enigszins leesbaar te houden is de geboden informatie niet tot op alle details vermeld.

 

Uitgangspunten
De manier waarop iemand de keuze voor zijn fiets en de uiteindelijke aankoop bepaalt is voor iedereen verschillend. Om tot een goede keuze te kunnen komen zijn de onderstaande 3 vragen de meest belangrijke om te beantwoorden. De antwoorden op deze vragen vormen namelijk het voornaamste uitgangspunt voor de keuze van je fiets.

1) Bepaal je budget
2) Wat wil je er mee gaan doen
3) Wil je een fiets met alleen voorvering (hardtail) of een volledig geveerde (full suspension / fully)?

Sterrensysteem:
*          Sporadische rijders (componenten weinig gebruikt, duurzaamheid van ondergeschikt belang)
**        Recreatieve rijders (op regelmatige basis, redelijk goede werking nodig)
***      Enthousiastelingen (regelmatig op verschillende parkoersen, betrouwbare werking belangrijk)

****    Gevorderde rijders (componenten moeten in alle omstandigheden voldoen)
*****  Professionals (geen compromissen).
Budget
Een fatsoenlijke nieuwe mountainbike kost toch al snel meer dan 750 euro. In de categorie tussen de 750 en 1.000 heb je al redelijk wat keus, maar het begint pas leuk te worden in de categorieën boven de 1.000 euro, waarbij er weinig tot geen onderdelen meer gemonteerd waarmee je niet met een gerust hart het terrein onveilig mee kan maken.  Je kan zo ver gaan als je wil en dikwijls  gerelateerd aan het feit dat ook mountainbiken een hobby/sport is waarbij je het zo gek kan maken als je zelf wilt.
Tweedehands
In sommige gevallen kan het wel eens een betere investering zijn om te kiezen voor een tweedehands mountainbike. Bij een budget lager dan 500 euro is het de moeite waard om het aanbod aan tweedehands bikes. Een goede tweedehands blijft nog steeds beter dan een nieuwe die niet terreinwaardig is.

Merken en types
Er zijn een slordige 85 fietsmerken te krijgen in de Benelux. Een veel kleiner aantal merken is ruim vertegenwoordigd bij de bikeshops. Populaire (A-)merken zijn o.a. : Bianchi, Cannondale, Cube, Giant, Scott, Specialized, Trek, Merida en Kona
Vandaag de dag zijn met name een aantal merken populair die zich minder richten op de ontwikkeling van de materialen (frames e.d.), maar zich vooral bezig houden met het samenstellen van een scherp geprijsde bike. In het verleden werden dit wel B-merken genoemd, maar daar kan je vandaag de dag eigenlijk niet meer over spreken. De een zal dit concept meer aanspreken dan de ander, maar het is gebleken dat met name veel beginners voor dergelijke merken kiezen. Ook in dit segment zijn er vele merken actief. Bekende voorbeelden zijn: Stevens, Bulls, Sensa/Target,X-Trail, Focus.
De “Aldi Bikes”
Meestal fietsen met een flitsend uiterlijk, wat menig consument in vervoering brengt. Zoveel fiets voor zo weinig geld. De waarheid is helaas anders.

De onderdelen op deze fiets zijn op sommige momenten “redelijk tot goed” te noemen, maar over de hele linie komen deze fietsen toch echt tekort om zichzelf een echte “mountainbike” te mogen noemen. Het zit vooral in de kwaliteit van de onderdelen en het materiaalgebruik van het frame.
Het is voor een fabrikant eigenlijk niet mogelijk om onder de 300 euro een redelijke mountainbike in elkaar te zetten. Menig groot merk als Giant en Trek hebben ook fietsen onder de 300 euro in de collectie, maar deze komen eigenlijk het best tot hun recht voor school-, recreatie- en/of stadsgebruik.
Als mensen al over gaan tot het aanschaffen van zo’n soort fiets, dan zijn ze er meestal na één keer wel klaar mee en zien in dat dit toch echt geen mountainbikes zijn.

 

De bike disciplines
Cross Country / XC
Uithoudingsvermogen, fitheid en controle over de fiets gecombineerd. Dat is kortweg waar Cross Country om draait. Klimmen, dalen, singletracks (smalle paadjes) en technische secties zijn allemaal zaken die een XC-er tegen kan komen. Cross Country rijden doet men bij voorkeur in heuvelachtig terrein, met hobbels en kleine obstakels, zoals rotsen, boomwortels of kuilen.
Marathon
Marathon is de lange afstand variant (60+ km) van de Cross Country. Marathons worden vaak door honderden deelnemers tegelijk bezocht en zijn ook regelmatig onderdeel van meerdaagse evenementen.
All Mountain / AM
Voor degene die niet kan kiezen tussen de extremere takken van het mountainbiken en het pure Cross Country rijden is er het All Mountain (ook wel: Enduro) concept. All Mountain bevat elementen uit de Cross Country, maar dan met grotere obstakels en kleine sprongen. Je kan XC-en, maar ook wat heftiger tracks berijden die meer freeride/downhill parkoersen lijken in de Ardennen of de Franse Alpen.
Freeride
De freerider maakt in Europa veelal gebruik van hetzelfde parkoers als de downhiller, alleen speelt de factor ‘tijd’ geen rol van grote betekenis. De freerider gaat veel meer voor de beleving van het parkoers en is best bereid om een iets minder snelle lijn te rijden als hij daardoor een drop of sprong meer kan doen.
Downhill
Wie is de snelste van boven naar beneden? Wie remt het laatste, snijdt de bochten het snelst aan, etc. Downhill is de ultieme test van zenuwen en controle over de bike. De track kent meestal een grote variatie aan drops, sprongen en steile hellingen. De downhill en freeride discipline is alleen voor professionals of rijders met voldoende skills. Het omvat relatief hoge jumps of “drops” en aanzienlijk grote obstakels zoals keien, omgevallen bomen of flinke gaten.
Street
Street is voor de mountainbikers die ‘gras’, ‘zand’ en ‘modder’ maar vieze termen vinden. Een streeter is eigenlijk de ‘Adriaan’ (van clown Bassie) op de fiets. Een streeter maakt gebruik van alle mogelijkheden die de straat (daarom heet het ook streeten) hem bied. Het gaat hierbij om het springen over/op obstakels en het liefst zo sierlijk mogelijk of met een trucje er voor of er na.
Dirtjumping / DJ
Dirtjumping is een “BMX” of motorcross stijl van rijden. Het omvat springen van de ene grondhoop naar de andere. Geef de dirter een hoop zand en hij weet er feilloos een mooie sprong van te maken. Geef de dirter twee hopen zand en hij maakt er nog iets mooiers van. Geef de dirter meerdere hopen zand en je hebt een parcours. Men verstaat er ook vaak het rijden over obstakels in dorp of stad onder, zoals betonblokken, trappen, etc. Deze afsplitsing noemt men “Urban Assault”.
Fourcross / 4X
Fourcross is een eliminatierace waarbij vier rijders zij aan zij strijden op hetzelfde afdalingsparcours.
De oorsprong van deze vorm van competitie is zodanig dat er onbedoeld contact tussen de rijders kan zijn. Dit kan worden getolereerd zolang dit in de geest van het evenement , ‘fair play’ en de sport plaatsvindt. Fourcross is een “BMX” stijl van rijden voor goed geoefende rijders en omvat het rijden over een baan met sprongen over obstakels gemaakt van grond waarop de rijder zijn snelheid moet zien te houden of zelfs te vergroten om zo als eerste over de finish te komen.

Verschil tussen de disciplines
Het verschil tussen de disciplines is afkomstig van (o.a.) de volgende factoren:
- Geometrie
- Uitrusting qua vering
- Framebouw
- Opbouw qua onderdelen

Laten we in alle gevallen uitgaan van een hardtail (dus zonder achtervering) , dan kan je het volgende stellen:
Geometrie:
- XC ; Redelijk steile balhoofd en zitbuis hoek. Bij racegerichte frames een langere bovenbuis.
- Marathon ; Redelijk steile balhoofd en zitbuis hoek. Op comfort gerichte zitbuis-bovenbuis verhouding.
- All Mountain ; Minder steile balhoofd- en zitbuishoek. XC gerichte zitbuis-bovenbuis verhouding
- Freeride ; Minder steile balhoofd- en zitbuishoek. korte zitbuis in verhouding tot lange bovenbuis
- Downhill ; Minder steile balhoofd- en zitbuishoek. korte zitbuis in verhouding tot lange bovenbuis
- Street ; Redelijk steile balhoofd- en zitbuishoek. Zeer korte zitbuis met redelijk korte bovenbuis
- Dirt ; Mindere steile zitbuishoek en wat steilere balhoofdhoek. zeer korte zitbuis in verhouding tot lange(re) bovenbuis.
- 4X ; Mindere steile zitbuishoek en wat steilere balhoofdhoek. zeer korte zitbuis in verhouding tot lange(re) bovenbuis.
Veerweg voorvork (rudimentaire verdeling)
- XC ; 60 – 100 mm
- Marathon ; 100 – 115 mm
- All Mountain ; 100 – 150 mm
- Freeride ; 130 – 180 mm
- Downhill ; 170 – 200 mm
- Street ; 60 – 100 mm (bij voorkeur geen verende vork)
- Dirt ; 100 – 110 mm
- 4X ; 80 – 110 mm
Framebouw:
- XC ; gebouwd op snelheid. gewicht speelt een belangrijke rol
- Marathon ; gebouwd op comfort. gewicht speelt een belangrijke rol
- All Mountain ; gebouwd op stevigheid en comfort. Gewicht speelt een minder belangrijke rol
- Freeride ; gebouwd op stevigheid. gewicht speelt in mindere mate een rol
- Downhill ; gebouwd op stevigheid en snelheid. Gewicht speelt in mindere mate een rol
- Street ; gebouwd op stevigheid en wendbaarheid. Gewicht speelt in mindere mate een rol

- Dirt ; gebouwd op stevigheid. gewicht speelt een rol, mits het de stevigheid niet aantast.
- 4X ; gebouwd op stevigheid. gewicht speelt een rol, mits het de stevigheid niet aantast.
Opbouw qua onderdelen
- XC ; lichte en soepel werkende componenten, 24 – 27 versnellingen
- Marathon ; lichte en soepel werkende componenten, 24 – 27 versnellingen
- All Mountain ; stevige compontenten, 24-27 versnellingen
- Freeride ; stevige componenten, 9-18 versnellingen
- Downhill ; stevige componten, 9 versnellingen- Street ; hufterproof componenten, 1 – 9 versnellingen
- Dirt ; stevige componenten, 1-9 versnellingen
- 4X ; stevige componenten, 1-9 versnellingen

Een hardtail, of een full suspension?
Na het vaststellen van het budget en de keuze voor de discipline blijft nog de keuze voor een gedeeltelijk of geheel geveerde fiets over. Een fiets met een geveerde vork als enige vering wordt in ons bikersjargon ‘hardtail’ genoemd. Een fiets met voor- en achtervering heet in het jargon ‘full suspension’ of kortweg ‘fully’.

Een fully met vergelijkbare afmontage als een hardtail is een stuk duurder. De constructie en demper van de achtervering zorgen nu eenmaal voor een hogere kostprijs, hetgeen ook in de verkoopprijs terug is te vinden. Als je budget niet groter is dan 1000 euro kom je al gauw op een hardtail uit. Een goed geconstrueerde en degelijk afgemonteerde full suspension onder de 1000 euro is er helaas niet.
Tussen de 1000 en 1300 euro kan je bij sommige merken terecht voor een redelijke fully, maar eigenlijk begint het pas boven de 1300 euro. Als je een hardtail van, pakweg, 1400 euro gaat vergelijken met een fully van hetzelfde bedrag, dan zal je zien dat je in moet leveren op de gehele afmontage. Ga voor jezelf dus vooraf goed na of je wel een volledig geveerde fiets nodig hebt. In Nederland is het namelijk prima mogelijk om je te redden met een hardtail, uitgaande van XC gebruik.
Hou er bij de aanschaf van een fully ook rekening mee dat het veersysteem eens in de zoveel tijd onder handen genomen moet worden. Dit kan de nodige kosten met zich meebrengen, vooral wanneer er lagers e.d. vervangen moeten worden.

Framematerialen
Het frame is het hart van de fiets en kan van verschillende (combinaties van) materialen gemaakt zijn. Aluminium komt vandaag de dag verreweg het meeste voor. Carbon is de laatste jaren ook een steeds vaker toegepast framemateriaal. Hieronder, voor de volledigheid, een opsomming van de voornaamste framematerialen:
- Aluminium
- Carbon
- Titanium
- Scandium
- Cro-mo staal

De materialen kennen elk hun eigen bewerkingen en behandelingen. Het gaat voor het doel van dit topic te ver om hierover alles uit te leggen. Als we even terug gaan naar het voornaamste materiaal (aluminium), dan zit het onderscheid in de kwaliteit vooral in de las- en hittebehandeling en in het feit of het een single-, double-, of zelfs triple-butted frame is. ‘Butted’ is kortweg het veranderen van de binnendiameter van het frame om gewicht te besparen en de sterkte te behouden en/of te vergroten No-name carbon frames
De laatste tijd zie je her en der steeds meer goedkope Chinese carbon frame opduiken, al dan niet rijkelijk voorzien van stickers van de plaatselijke fietsshop of een zelf verzonnen merk. Hou hierbij even rekening met hetgeen deze post is opgetekend door een deskundig member op dit gebied.
Onderdelen / Aandrijving
Naast het frame is de aandrijving van de fiets hetgeen waar het allemaal om draait. De samenstelling van onderdelen voor de aandrijving (o.a. ketting, achtertandwielen, voortandwielen(crankstel) en derailleurs) worden kortweg “groepen” genoemd. In het verleden was Shimano marktleider op groepengebied, maar heeft nu stevige concurrentie gekregen van het SRAM concern.
Beide fabrikanten leveren een brede lijn groepen welke van acceptabele- tot topkwaliteit zijn gemaakt.
SRAM heeft voor een aantal van zijn derailleurs het 1:1 concept ontwikkeld. Dit concept staat garant voor sneller schakelen van de achterderailleurs. Shimano maakt gebruik van het 2:1 concept, waardoor niet alle SRAM derailleurs en schakelhendels zondermeer met die van Shimano zijn uit te wisselen.
Dit gegeven is vooral interessant op het moment dat je wil gaan opwaarderen. Onderstaand tref je een opsomming en waardering van de diverse groepen aan.

 

SRAM

SHIMANO

*

X.3

C050 – Tourney – Altus

**

X.4

Acera – Alivio

***

X.5

Deore

****

X.7 – X.9

Deore LX / SLX / XT /Saint

*****

X.0 – XX

XTR

Een fiets met XT voor 450 euro?!?
Ongeveer een decennium geleden was Giant de uitvinder van een verkooptechniek, welke bij vele fabrikanten navolging heeft gehad. Wat deze techniek is? Rust je fiets uit met een relatief dure achterderailleur, zodat het lijkt alsof de hele fiets er mee is afgemonteerd. Zoals gezegd gaat het vaak alleen om de achterderailleur. Laat je dus niet afleiden door de achterderailleur, maar check de hele lijst met specificaties. Alleen een dure achterderailleur heeft niet zoveel toegevoegde waarde als de rest van de aandrijving van aanmerkelijk mindere kwaliteit is.

 

Verende voorvorken
Bij de verende vorken zijn er legio merken. Manitou, Marzocchi en Rock Shox zijn de meest voorkomende merken. Deze 3 merken maken een brede lijn verende voorvorken van opstapmodellen tot de exotische met de modernste technologieën. Een merk met uitsluitend luxere vorken, welke ook veelvuldig op mountainbikes wordt gemonteerd is Fox Racing Shox.
Bij de allergoedkoopste mountainbikes kom je vaak vorken tegen van Suntour. Dit zijn in eerste instantie geen slechte vorken, maar zijn niet erg duurzaam en verliezen snel hun werking. Voor de beginner die wat hogere eisen aan zijn of haar vork stelt is dit geen goed keus. In dat geval kan je beter kiezen voor de opstapmodellen van de 3 grotere merken.

Enkele voorbeelden van (XC) vorken en hun kwaliteit:

 

FOX Manitou Marzocchi Rock Shox Suntour

*

 

 

 

 

XCT – XCM

**

 

 

22

Dart

XCR

***

 

Drake

44

Tora

Axon

****

Vanilla, F-Series

R7

Corsa

Recon

 

*****

Float, Talas Minute   Reba, SID  

 

Remmen Daarom zitten er remmen op je fiets.
We onderscheiden grofweg 3 typen remmen:
- V-brakes
- Hydraulische remmen
- Schijfremmen
V-brakes
Eind jaren ’90 deed de V-brake zijn intrede als vervanger van het traditionele cantilever systeem. Op het randje van het nieuwe millennium was het systeem zodanig ontwikkeld dat de traditionele velgrem bijna nergens meer op gemonteerd werd. Vandaag de dag gelden de v-brakes als een mountainbike-waardig remsysteem, waarbij je veel remkracht krijgt voor een laag bedrag.
Hydraulische remmen
Sinds jaar en dag is Magura hofleverancier van hydraulische velgremmen.
Halverwege de jaren ’90 was de hydraulische rem hét alternatief voor de ouderwetse cantilever rem. Pas na de komst van de nieuwe generatie hydraulische schijfremmen is het aandeel hydraulische velgremmen een stuk minder geworden. Vandaag de dag gelden ze als goed(koper) alternatief voor hydraulische schijfremmen.
(Hydraulische) Schijfremmen

De schijfrem op de fiets kwam je begin jaren ’90 al tegen op enkele downhill bikes, maar het duurde nog tot het begin van deze eeuw voordat je ze massaal op mountainbikes tegenkwam. Vandaag de dag zijn er vele soorten en merken. De voornaamste merken op het gebied van schijfremmen zijn Shimano, Hayes, Avid, Hope en Magura.
Deze merken produceren verschillende remsystemen. Verschillen tussen de merken en series komen o.a. voort uit rem(af)werking, remkracht en afstelmogelijkheden. Schijven worden doorgaans in de combinatie 160mm (6”) schijfdiameter voor- en achter geleverd, wat voor de meeste XC-rijders <80 kg ruim voldoende is. Andere gangbare diameters zijn 180 (7”) en 203 mm (8”).
De meest toegepaste schijfrem is de hydraulische (dus gevuld met speciale olie) versie, maar er zijn ook mechanische (bediend door een conventionele remkabel) schijfremmen. Een voordeel van mechanische schijfremmen is de (veelal) lagere prijs t.o.v. de hydraulische versies. Een groot nadeel is het energieverlies tussen de remhendel en het gedeelte waar de remblokken zitten (caliper).
Er zijn wel enkele sterke mechanische schijfremmen op de markt, maar deze zijn vaak net zo duur als hydraulische versies.

Omdat de hydraulische velgremmen niet zoveel voorkomen op productiefietsen gaat de overweging qua remmen bijna altijd tussen v-brakes en schijfremmen. Over de discussie “v-brakes of schijfremmen?” zijn pagina’s vol geschreven. De keuze tussen v-brakes of schijfremmen is voor de meeste beginners een budget kwestie. Goede schijfremmen vreten aardig aan het budget voor een complete fiets. Goede v-brakes zijn vele malen goedkoper. De remwerking van goede types v-brakes is voor de meeste parcoursen in binnen- en buitenland ruim voldoende.
Om het even in een oneliner te zetten: “beter een goede v-brake, dan een slechte schijfrem”.

Je fiets moet op (z’n) tijd tot stilstand gebracht worden.

 

Wielen en banden
De wielen van de fiets zijn uiteraard belangrijk. Door veel fabrikanten wordt op de uitrusting van productiefietsen qua wielen vaak nog teveel bezuinigd. Het gaat helaas te ver om alle wielencombinaties en hun kwaliteit op te noemen.
Een combinatie van naaf, spaken met nippels en een velg vormen het wiel. Er worden vele combinaties van deze onderdelen als ‘wiel’ op de markt gebracht.
Mavic is een grote leverancier van velgen (en wielen) voor de ATB, evenals Sun Ringlé en DT Swiss.

De laatste jaren heeft Schwalbe een enorme opmars gemaakt in het eerste montage (OEM) segment. Dit heeft er toe geleid dat Schwalbe een benchmark is geworden voor het omschrijven van soorten banden op de verschillende ondergronden.
Gelukkig is er voor de mensen die ook wel eens wat anders willen een ruime keuze uit andere bandenmerken die uitstekende banden leveren voor verschillende typen ondergronden. Je kan hierbij denken aan Maxxis, Continental, Michelin en Geax.

Bandentechniek
Je kan vinden van Schwalbe wat je wil, maar ze hebben wel een van de meest uitgebreide bandentechniek onderdelen op het web, je kan er veel vinden over  ’in’s en outs’ over banden. (o.a. bandenspanning, bandopbouw, rolweerstand)

Maatvoering van de bike
De verschillende disciplines vergen helaas bij dezelfde persoon verschillende maatvoeringen. De framemaat is de lengte van de zitbuis (buis waar je de zadelpen insteekt) en wordt meestal gemeten van het hart van de trapas tot het hart van de bovenbuis en uitgedrukt in inches (“).
Om de juiste framemaat te bepalen heb je verschillende systemen en websites tot je beschikking.

Voorbeeld:
Man,  1.89 meter, met een binnenbeenlengte van 91 cm: MTB’s hebben de volgende maatvoeringen:
- XC fully – 20.5”
- XC hardtail – 20”
- XC 29er – 19″
- FR fully – 18”
- 4X hardtail – 15”
- 4X fully – 16″
- Dirtbike – 15″

Je ziet dus dat de verschillen dus best groot zijn als je puur en alleen kijkt naar de framemaat.

Let niet alleen op de maat van de zitbuis!
Helaas blijkt het eens te meer dat de gemiddelde beginner vooral kijkt naar de framemaat in de catalogus.
Dit is de maat van de zitbuis, maar daarmee houdt het frame nog niet op.
Het hele samenspel van hoeken en lengtes buizen in het frame (de geometrie) is van belang voor elke biker.
Om het niet te ingewikkeld te maken voor de beginner zal men zich bij de advisering vooral richten op de framemaat (lengte van de zitbuis) en de bovenbuislengte (toptube).
Met name de bovenbuislengte kan enorm verschillen bij de diverse fabrikanten en zelfs bij modellen onderling van hetzelfde merk.

Een voorbeeld.
Trek 4500 18″ = 57.0 cm bovenbuislengte
Trek 8500 17.5″ = 58.5 cm bovenbuislengte
(dus 0.5″ kleinere maat met 1,5 cm langere bovenbuis)

Cube Acid 18″ = 57.2 cm bovenbuislengte
Cube Reaction 18″ = 58.8 cm bovenbuislengte
(dus gelijke framemaat met 1,6 cm langere bovenbuis)

In het geval van de Trek en de Cube heeft dit te maken met het feit dat de Acid en 4500 meer een recreatieve insteek hebben en de Reaction en de 8500 meer op de wedstrijdmarkt gericht zijn.
Dit zie je dus ook terug in de geometrie.

Wat is dan prettig voor mij?
Wat iemand prettig vindt als rijder is persoonlijk en zal je moeten ondervinden door een fiets te proberen. Vandaar ook dat het maken van een proefrit eigenlijk heel erg belangrijk is. Dan kan je voelen wat de onderlinge verschillen zijn.

Voor de enthousiaste biker
Niet iedereen die een mountainbike aanschaft gaat er ook daadwerkelijk serieus mee het terrein in. Voor degenen die dat wel van plan zijn is het goed om vooraf na te denken over de uitrusting.

Klikpedalen / SPD
Veel beginners op de mountainbike gaan gelijk bij aanschaf van de bike over op zgn. “klikpedalen” of “SPD pedalen”. Dit zijn pedalen waarbij je met behulp van fietsschoenen met daaronder speciale plaatjes je voeten in het pedaal vastklemt. Shimano en Crankbrothers zijn momenteel de grootste en bekendste leveranciers van ‘clipless’ pedalen. Met fietsen heb je duidelijk voordeel t.o.v. conventionele pedalen, maar het is niet essentieel om te hebben en te kunnen mountainbiken.
Mocht je overgaan tot de aanschaf van clipless pedalen: wel even oefenen met in- en uitklikken tegen een muurtje of zo, in plaats van in het terrein. Dit scheelt je enorm veel knullige valpartijen.

De uiteindelijke keuze voor de fiets
Welke fiets je uiteindelijk kiest zal afhangen van meerdere factoren. Deze factoren zijn per persoon weer verschillend. De ene wil persé de beste fiets voor zijn of haar geld en de ander laat zich meer leiden door het uiterlijk of het image van de fiets / het merk.

Verklarende woordenlijst
Fully = Full Suspension ; bike met voor- en achtervering
HT = Hardtail
29er = Mountainbike met 28″ wielen en mountainbike geometrie (en veelal dikke mountainbikebanden). Dit concept heeft men indertijd 29 inch gedoopt en is nu bekend onder de naam ’29er’ (twentyniner).
IMHO = In My Humble Opinion ; naar mijn bescheiden mening.
IMO = In My Opinion ; de verkorte versie van IMHO
LBS = Local Bike Shop ; de fietsenwinkel “op de hoek”, of de bikeshop waar je altijd komt voor je spulletjes.
SS = Single Speed ; fiets met 1 achtertandwiel en dus maar 1 versnelling.
XC = Cross Country
FR = Freeride
DH = Downhill
AM = All Mountain
DJ = Dirt Jumper / Dirt Jumpen
4X = Four Cross
PM = Postmount (manier van rembevestiging schijfremmen)
IS = International Standard (O.a. een manier van rembevestiging schijfremmen)
QR = Quick Release / snelsluiter (voornamelijk op wielen en zadelpenklem)

Tubeless

Een buitenband die in combinatie met een daarvoor geschikte velg er voor zorgt dat er geen binnenband meer nodig is. De buitenband wijkt dus in constructie af van een’normale’ buitenband.

Notubes Noflats

Een latex(achtige) vloeistof die je in buitenbanden spuit, teneinde deze tubeless te kunnen rijden. Het betreft een kit die er voor zorgt dat je in feite elke velg-band combinatie geschikt kan maken voor gebruik zonder binnenband.
Semislick

Een buitenband met een glad middendeel. Dit ‘gladde’ middendeel is dan voorzien van geen of zeer lage nopjes, waardoor de rolweerstand vermindert. Dit is dan ook de voornaamste reden dat deze banden worden gebruikt. Door het toepassen van volwaardige(r) noppen aan de buitenkant van de band blijft de grip in de bochten goeddeels behouden.
Lockout / Poploc

Een mechanisme dat een verende voorvork of achterdemper kan “uitschakelen”. De blokkering van de vering wordt verzorgd door het bijna dichtzetten van de olie-/luchtstroom binnen de vork/demper. Om overbelasting van het mechaniek te voorkomen is er een beveiliging ingebouwd (ook mechanisch) die er voor zorgt dat bij teveel drukopbouw de blokkering wordt opgeheven. Dit is merkbaar door veersporen op de schacht als de vork/demper in geblokkeerde toestand. De mate van “doorschieten” verschilt per merk.
Door middel van een hendel op de vork/demper of op het stuur kan de blokkering van de demper/vork worden in- en uitgeschakeld. Poploc is een handelsterm van SRAM/Rock Shox.
Camelbak :

Drinkzak met slang en mondstuk dat in een rugzak wordt vervoerd. Is, net als bijvoorbeeld Spa voor mineraalwater, verworden tot een soortnaam voor gelijkwaardige producten.
Steekas :

Een steekas is een doorlopende as, variërend in diameter, die in een voor- en/of achterwiel gestoken wordt.
Dit komt dan in plaats van de veel bekendere snelsluiter/quick release.
De steekas is met name een item dat veel voor komt in Dirt, freeride en downhillfietsen, maar komt met ingang van modeljaar 2009 ook steeds meer voor in meer Cross Country gerichte fietsen.
Topswing / Downswing (voorderailleur)
Top- en Downswing zijn termen die worden gebruikt bij een voorderailleur.
Dit heeft te maken met de manier waarop de kooi van de voorderailleur ‘zwenkt’ t.o.v. de klemband die om het frame zit.
Topswing = de kooi zwenkt boven de klemband
Downswing = de kooi zwenkt onder de klemband

Bij sommige frames passen allebei de voorderailleurs, maar er zijn ook frames die niet allebei kunnen hebben, door bijvoorbeeld een bidonnok die in de weg zit of een draaipunt van de achtervering.

Bron: www.mountainbike.nl